Duurzaam Leven

Als D66 beseffen we goed dat de natuur Nederland veilig en welvarend houdt. In 2040 kijken we écht anders naar natuurlijke hulpbronnen, de inzet van land en hebben definitief afscheid genomen van de wegwerpmaatschappij en het grenzeloos consumeren. We genieten van een overvloed aan schone en goedkope energie. Dit vraagt om gedragsverandering bij bedrijven én burgers. Door verticale en circulaire landbouw is meer ruimte voor bos, water en moeras. Ook hebben we van het IJsselmeer het grootste zoetwaterreservoir van Noordwest Europa gemaakt. Ons dieet is praktisch vegetarisch en veel gezonder door Europese voorschriften over voedingswaarde en bewerkingsgraad. D66 zet in 2040 in op Europese energie- en voedselproductie die de lokale karakteristieken van aarde en natuur optimaal gebruiken. Voor onze energievoorziening zetten we in op de grootschalige toepassing van groene waterstof. Onze gasinfrastructuur is daarvoor omgebouwd.


20. In 2040 kunnen we in Europa in onze eigen energievraag voorzien door een slim energienet inclusief slim opslagsysteem.

Zo benutten we de zonuren uit Spanje optimaal en delen we bij vlagen een overschot aan Nederlands windenergie met andere Europese landen. Het ‘oliedomme’ fossiele tijdperk is voorgoed verleden tijd. Als koploper in de energietransitie exporteren we nu hoogwaardige kennis over duurzame energievoorziening. Onze Europese wetenschappers en energiebedrijven zijn internationale rolmodellen geworden. In 2040 zetten we in op milieu- en natuurvriendelijke offshore energievoorziening- en opslag: windmolenparken op zee en eilanden met zonnepanelen.

 

21. In 2040 betalen we een eerlijke prijs voor onze producten.

Daarvoor moeten we de echte kostprijs van producten - inclusief externaliteiten - gaan berekenen. We houden rekening met de economische-, milieu- en de sociale effecten van de productie. Zowel energie- en watergebruik, maar ook de onderbetaling van mensen, kinderarbeid en de gezondheid van werknemers in de keten wordt in kaart gebracht en doorberekend. Dat heeft een positief stimulerend effect op zowel lokale als internationale productieketens en leidt tot minder massaconsumptie.

 

22. In 2040 eten we zoveel mogelijk lokaal en circulair geproduceerd voedsel.

Het landbouwareaal is afgenomen ten gunste van de natuur, door intensieve verticale en circulaire landbouwproductiviteit.  We streven voor de productie van primaire voedingsmiddelen naar een lokale productie in een 30 kilometer radius. Daarnaast maken we efficiënt gebruik van restruimte zoals de sokkels van de windmolens in de Noordzee, waar we zeewier, kreeften en schelpdieren telen.

 

23. In 2040 eten we overwegend vegetarisch, is de vleesvergunning voor horeca breed geaccepteerd en zijn kantines vleesloos.

Maaltijden zijn standaard vegetarisch of veganistisch. We weten niet meer wanneer we voor het laatst bio-industrie-vlees gegeten hebben, want kweekvlees is het nieuwe normaal. Voor het serveren van vlees van gepensioneerde dieren heb je een vergunning nodig, voor kweekvlees niet. In alle organisaties die met publiek geld gefinancierd zijn, is een vegetarisch en veganistisch menu de standaard. In het funderend onderwijs is er dagelijks een verantwoorde voedzame vegetarische lunch voor leerlingen en leraren beschikbaar.

 

24. In 2040 kiezen we voor kennisexport in plaats van voedselexport.

We zijn koploper in vertical farming en kringlooplandbouw. Onze voedselexport bestaat niet langer uit het verplaatsen van voedsel maar uit het delen van kennis over de techniek en technologie van de circulaire landbouw. Ook op het gebied van waterbeheersing exporteren we nog altijd onze kennis en expertise over de hele wereld.

 

25. In 2040 is massaconsumptie voor goed uit de mode.

De 20e eeuwse consumptiemaatschappij en mondiale maakindustrieën, zoals bijvoorbeeld de kledingindustrie, hebben de aarde uitgeput. In 2040 pakken we het daarom radicaal anders aan. Er wordt minder gekocht en dus hoeft er minder geproduceerd te worden. De zero waste-kledingindustrie is een feit en geen idealistische droom. We hergebruiken stoffen en creëren innovatieve afbreekbare materialen voor kleding. We lopen op zeewierzolen en een dragen een shirt van ananasvezel - in plaats van ananas print.

 

Klik hier om door te gaan naar de volgende toekomstbeelden en thema's!

 

Wil je ambassadeur worden op dit thema? Klik hier!